Het rijden van Bochten

De zomerperiode nadert en daarmee de periode dat veel motorrijders hun hart gaan ophalen in gebieden waar bochtige wegen de overhand voeren. Heel herkenbaar want dat maakt het motorrijden zo leuk. En om het leuk te houden licht ik in dit artikel graag nog even toe hoe je op een veilige en vlotte manier bochten rijdt.

Dit doen we aan de hand van de vier K’s:
Kijken
Klaar zijn
Kantelen
Kracht opbouwen

Tegensturen
Maar eerst nog iets belangrijks over het sturen op de motor in het algemeen. Want hoe stuur je eigenlijk op een gecontroleerde wijze de bocht om? Je bent ongetwijfeld bekend met verhalen over gewichtsverplaatsing, sturen vanuit je heupen, op een stepje drukken enz enz. Vergeet dit allemaal maar! De enige manier waarop jij je motor op een strakke en beheerste manier een bocht in krijgt én ook houdt is door het zgn. tegensturen, oftwel counter-steering in het Engels.

Om dit goed uit te leggen moeten we even naar de motorfietsdynamica, gyroscopische effecten e.d. waar al vele boeken over vol geschreven zijn door knappere mensen dan ik. Maar hier een tipje van de ijsberg dat al heel veel duidelijk maakt voor de dagelijkse praktijk.

Te beginnen bij de band van een motor. Zoals wij allemaal wel weten is een motorband ronder en ‘puntiger’ dan een autoband, die over de breedte vlak is. Vandaar dat je met een autoband kunt ‘aquaplanen’, terwijl een motorband als het ware door het water ‘snijdt’.

Een motorband heeft dus in het midden een grotere diameter dan aan de randen. Net als een cilinder zal de motor als het stuur rechtuit staat ook recht naar voren willen rollen. Maar als de motorband overhelt en de kleinere diameter de weg raakt, dan zal de band een bocht gaan maken. Net als wanneer je een kegeltje over een tafelblad laat rollen.

Bij het tegensturen makenwij dus handig gebruik van deze vorm van de motorband. Om de motor af te schuinen / te kantelen heb je de tegenstuur techniek nodig. Dit is geen trucje, maar een techniek die je altijd al gebruikte (zelfs op je fiets) om een bocht door te komen. Alleen was je je hier niet van bewust. Daar gaan we verandering in brengen.

Tegensturen betekent dat je tegen je linker handvat duwt als je naar links wilt en tegen je rechterhandvat als je naar rechts wilt. Want wat gebeurt er wanneer je dit doet? Wanneer je je linker handvat van je weg duwt, draait het voorwiel naar rechts. Je zou verwachten dat je dan naar rechts rijdt maar dat is niet zo. De motordynamica zorgt ervoor dat de motor automatisch naar links zal kantelen en over het linker deel van de voorband een bocht, naar links dus, maakt. Ho e harder je duwt des te meer zal de motor kantelen. En hoe harder je rijdt, hoe eerder je dit effect merkt. Oefen hier maar eens mee op een rustige weg wanneer er geen ander verkeer in de buurt is. Begin wel met heel rustig te duwen, want als je snel veel kracht zet zal je motor ook heftig reageren.

Wanneer je je van deze techniek bewust bent en begrijp hoe en wanneer dit werkt dan geeft je dat veel meer controle over je motor. Jij bepaalt op welk moment de motor kantelt en hoever. Verhalen over gewichtsverplaatsing, sturen met de heupen en stepsteering kun je vanaf nu allemaal vergeten. Dit zijn hulpmiddeltjes die je pas NA het tegensturen kunt gebruiken om je balans op de motor nog beter te bewaren.

Nu je weet op welke manier je de motor de bocht in krijgt gaan we dieper in op de manier waarop je een veilige en vlotte bocht rijdt.

Weer terug naar de vier K’s:
Kijken
Vanzelfsprekend moet je eerst weten dat er een bocht aan komt voordat je de bocht ook daadwerkelijk kunt rijden. Daarom is goed kijken noodzakelijk. Kijk ver weg (horizon) en van dat punt scan je de weg tot voor je motor. Daarna kijk je weer zo ver als mogelijk weg en scan weer terug tot voor je motor. Dit proces herhaal je keer op keer. Daarnaast kijk je ook links en rechts van je en gebruik je vaak je spiegels. Zie je een bocht aankomen, dan neem je de situatie goed in je op en probeer in te schatten hoe scherp de bocht is. Een navigatiesysteem kan daarbij helpen. Je kunt ook veel afleiden uit de omgeving, bomenrijen, (snelheid van) ander verkeer enz.

Klaar zijn
Voordat de bocht begint moet je klaar zijn met de voorbereidingen om de bocht te rijden. Hierbij gaat het om de combinatie van juiste snelheid én de juiste versnelling. Pas je snelheid aan tot de juiste snelheid door beide remmen te gebruiken. Wat is de juiste snelheid? Dat kun je het beste omschrijven als elke snelheid die laag genoeg is voor jou om gedurende het rijden van de bocht je snelheid langzaam hoger te laten worden. Kom je er achter dat je halverwege de bocht te wijd uitkomt en moet je van het gas af of gaan remmen, dan was je aanvangssnelheid te hoog. Het is niet mogelijk om voor elke bocht de juiste snelheid aan te geven. Niet elke bocht is het zelfde en niet iedereen heeft de zelfde vaardigheden. Je snelheid aanpassen tot de juiste snelheid voorkomt dat je hartslag plotsklaps omhoog schiet of dat je een paniekaanval krijgt. Doe het dus in het begin rustig aan, waarna je er na verloop van tijd meer handigheid in krijgt. Schakel (terug) naar de juiste versnelling. Kies een versnelling die er voor zorgt dat je motor ongeveer in het midden van het toerengebied komt. De motor is in dit gebied kracht genoeg om snelheid te kunnen maken en je kunt ook nog terug in snelheid door gas te minderen. Verplaats je motor naar de buitenzijde van de bocht. Naar links bij een rechterbocht en naar rechts bij een linkerbocht. Hou hierbij rekening met tegenliggers en de berm. Zijn er rijstroken dan blijf je in jouw rijstrook of jouw deel van de weg want je wilt geen tegenligger raken!. Voordat de bocht begint geef je ook al weer een tikkeltje gas zodat je motor trekkend wordt. Dat kleine schokje wat je voelt wanneer je weer gas geeft, moet je gevoeld hebben vóórdat de bocht begint.

Kantelen
Het rechte stuk gaat over in een bocht. Zonder navigatie weet je vaak niet hoe lang de bocht duurt. Is het een 90o bocht, een hairpin van 180o of draait de bocht nog verder door? Met de juiste manier van de bocht rijden is dat niet belangrijk. Wat is dan de juiste manier? Je blijft de bocht aan de buitenzijde rijden net zo lang tot je over de weg het punt kunt zien waar je uiteindelijk na de bocht wilt uitkomen. Je bepaalt dus eerst waar je wilt uit komen en daar focus je op. (Het aloude credo van waar je naar kijkt, daar ga je naar toe, geldt hier dus ook, of juist!) Op dat moment kantel je jouw motor verder in en rij je naar de binnenzijde van de bocht. Dat inkantelen doe je dus door tegen het handvat te drukken. Tegensturen dus en de motordynamica het werk laten doen. Rechter handvat in een rechterbocht en linker handvat in een linker bocht. Het is echt zo simpel als dit. Hoe meer druk je tegen je handvat zet des te meer zal de motor in kantelen. Je kunt het rijden naar de binnenzijde van de bocht vergemakkelijken door ook even te kijken naar de binnenzijde van de bocht (clipping point of apex) waar je naar toe wilt rijden. Zodra je dat gedaan hebt kijk je weer verder naar het punt waar je uit wilt komen.

Kracht opbouwen / accelereren
Vanaf het moment dat je de motor hebt ingekanteld ga je langzaam maar zeker meer gas geven. Hierdoor pakt de motor als het waren de bocht vast en rij je gebalanceerd door de bocht heen. Hoe meer de motor zich opricht des te meer gas kun je geven. Je voelt de motor grip krijgen in de bocht. Ga je in de bocht remmen of draai je het gas dicht dan voel je dat je motor de balans verliest. Het geeft geen lekker gevoel en bovendien moet je vervolgens weer hard werken om de motor door de bocht heen te krijgen. Zorg er dus voor dat je aanvangssnelheid langzaam genoeg is zodat je met steeds meer gas door de bocht kan rijden. Een bekend motorrijders gezegde is: “Als een natte krant de bocht in en als een jonge god de bocht uit”.

Kijken 2
Tijdens het rijden van de bocht, het kantelen en het verdere verloop van de bocht blijft kijken een zeer belangrijk onderdeel. Kijk in eerste instantie even naar het punt waar je moet beginnen met remmen om op tijd klaar te zijn. Kijk vervolgens naar het punt waar de bocht begint en waar je dus helemaal klaar moet zijn om de bocht te rijden. Daarna draai je je hoofd zodat je neus naar het punt wijst waar je het asfalt net niet meer kan zien. Het zogenaamde verdwijnpunt. Vanaf dat moment verdraai je je hoofd niet meer. Je evenwichtsorganen in het oor blijven hierdoor stabiel. Door het bewegen van je ogen kun je het wegdek voor je scannen. Als je de motor gaat kantelen kantelt ook je lichaam en dus ook je hoofd. De lijn van je ogen is daardoor niet meer horizontaal. Nijg je hoofd daarom zodanig dat de lijn van je ogen weer horizontaal komt te liggen. Hierdoor blijf je beter in balans. Je hebt een beter referentiekader wat horizontaal is en wat niet. Hoofd horizontaal houden dus. Vervolgens kijk je naar het punt waar je uit wilt komen en waar je naar toe wilt gaan op de weg.

Weghelft tegenligger
Wanneer je niet goed de bocht uit komt en terecht komt op de verkeerde weghelft, dan ben je vrijwel zeker te vroeg naar de binnenzijde van de bocht gereden. Ook heb je dan een verkeert punt uit gekozen waarop je uit wilt komen (je wilt niet op de weghelft van de tegenligger uit komen). Je reed de zogenaamde racelijn. Prima voor op een circuit, maar niet voor de openbare weg. Blijf bij de volgende bocht, bij het begin van de bocht, langer aan de buitenzijde van de bocht rijden, kies een punt op jouw eigen helft waarop je uit wilt komen en je zult zien dat je veel beter uitkomt én op je eigen weghelft blijft.
buitenkant bocht, kantelen, kijken, hoofd horizontaal

Conclusie
Motorrijden en veel mooie bochten maken is voor ons allemaal een favoriete tijdsbesteding. Om dit strak en mooi te doen, en er van te genieten, dien je wel een aantal zaken goed te beheersen. De theorie is hierboven enigszins toegelicht. Maar je leert het natuurlijk in de praktijk! Het is niet voor niets dat de vervolgopleidingen van Verkeerstraining Nederland zo populair zijn, want deze aspecten komen in al onze trainingen uitvoerig aan bod. Helemaal onze trainingen in bijv. de Eifel of het Taunusgebergte.

Wil je je verder bekwamen in mooi bochten rijden? Doe dan een keer mee met één van onze vele trainingen. Je krijgt dan veel individuele aandacht (want kleine groepen) en de trainingen staan open voor rijders van elk niveau.

En, tijdens een training van Verkeerstraining Nederland is het altijd mooi motorweer.